Een klein, schijnbaar, onbetekenend regeltje in een digitaal document. Dat kan zomaar het enige zijn dat tussen een volkomen normale dinsdagmiddag en een katastrofale magazijnbrand in staat. Ja, absoluut. Dat is hoe dun die lijn soms is. Precies. En voor iedereen die nu luistert en verantwoordelijk is voor een werkplaats, een distributiecentrum of een productiefaciliteit, vormen de regels rondom gevaarlijke stoffen vaak een soort abstract dolhof. Dus, welkom bij deze speciale masterclass. Ja, mooi dat we dit vandaag helemaal gaan uitpluizen. Zeker weten. Vandaag kruipen we in de huid van veiligheidsconsultants en fileren we echt de gloednieuwe PGS 15-richtlijn. De versie voor 2025. En daarvoor hebben we best wat bronnen op een rij gezet, toch? Zeker. We baseren ons op officiële publicaties van het bestuurlijk omgevingsberaad, technische factsheets van het informatiepunt leefomgeving. En ook scherpe analyses uit Warehouse Totaal en natuurlijk die keiharde praktijkvoorbeelden van toezichthouders, zoals de DCMR. Precies. Je hebt die theorie nodig, maar de praktijk is waar het echt pijn gaat doen als je het niet op orde hebt. Klopt. Dus de missie voor deze diepgaande verkenning is helder. We leggen eerst even de absolute fundamenten van deze richtlijn bloot, om daarna eigenlijk naadloos over te stappen op de radicale wijzigingen van de 2025-update. En vooral, wat betekenen die morgenochtend op jouw werkvloer? Ja, en de urgentie daarvan kan ik echt niet genoeg benadrukken. Die PGS 15. Voluit de publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen deel 15. Een hele mond vol? Haha, ja. Maar dat is in Nederland dus echt het wettelijke zwaartepunt voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen. Het is zeg maar het kloppend hart van de omgevingsvergunning voor echt duizenden bedrijven. Maar wat maakt die 2x25 versie nou zo anders? Want richtlijnen krijgen wel vaker een update. Nou, dit is dus geen traditionele update waarbij ze even wat drempelwaarden hebben verschoven. We krijgen echt naar een complete hereiging van hoe we in Nederland naar chemische veiligheid kijken. Oké, een paradigmaverschuiving dus eigenlijk. Exact. We stappen af van het blinde afvinklijstje. Je moet nu echt een diepgaand begrip hebben van de fysieke realiteit in je magazijn Maar goed voordat we in die herijking duiken we moeten wel de rijkwijten even messcherp hebben Want jij als luisteraar weet waarschijnlijk wel ongeveer wat de PGS 15 is maar de details ontdreken soms De richtlijn rust op drie wettelijke pijlers, toch? Klopt. En die drie pijlers vormen eigenlijk de lens waardoor elke maatregel wordt beoordeeld. De eerste is omgevingsveiligheid. Dus puur de impact op de buitenwereld. Ja, exact. De bodem onder de loods, het oppervlaktewater in de sloot ernaast en natuurlijk de woningen of andere bedrijven in de directe omgeving. Oké, helder. En de tweede? Dat is arbeidsveiligheid. Hier verplaatst de focus zich naar binnen, naar de werknemer die de verpakkingen fysiek in handen heeft of verplaatst. Dus voorkomen dat iemand toxische dampen inademt of dat een stellage instort. Precies. En dan heb je nog de derde pijler en dat is brand- en rampenbestrijding. En kijk, deze pijler treedt pas in werking als preventie eigenlijk al gefaald heeft. Dat de brandweer weet waar ze aan toe zijn. Ja, dat een korps niet blind een brandende loods in hoeft te rennen, maar veilig kan optreden met de juiste blusmiddelen en voldoende bluswater op locatie. Duidelijk. Maar de lolendraad in al onze bronnen is steeds het woord verpakt. En dat voelt een beetje als een exclusieve nachtclub met een extreem strenge uitsmijter. Niet elk chemisch product mag zomaar naar binnen. Nee, zeker niet. Want kijk, een vat van 200 liter met een oplosmiddel staat centraal in deze richtlijn. Maar een gigantische opslagtank van zeg 10.000 liter met exact datzelfde oplosmiddel valt onder een heel ander wetboek. Zoals de PGS 29. Ja, dat klopt helemaal. Maar intuïtief zou je toch zeggen, die enorme tank is veel gevaarlijker. Dus die hoort hierin thuis. Nou, de logica daarachter zit hem volledig in de risicodynamiek. Kijk, een massieve opslagtank is fundamenteel statisch. Hij staat vast. Hij is verankerd aan een betonnen fundering, zit vast aan leidingnetwerken, wordt gemonitord door permanente sensoren en er zit een gigantische opvangbak omheen. De veiligheid zit letterlijk in de architectuur ingebouwd. En verpakte stoffen zijn dat dus niet? Nee, die zijn per definitie mobiel en dus kwetsbaar. We hebben het over IBC-containers, stalen vaten, kunststof jerrycans, gasflessen. Die worden de hele dag heen en weer gereden met heftrucks. Precies, en vierhoog op elkaar gestapeld op houten pallets. Dus de incidenten die hier ontstaan zijn compleet anders Een vork van een heftruck die per ongeluk een vat doorboort Ja of een stapelvoud waardoor de hele boel omvalt Exact Het risico zit echt in de dynamiek en in de menselijke handeling En daar is de PGS 15 specifiek voor geschreven. Duidelijk. En in de bronnen zien we dan ook specifieke categorieën langskomen. Termen als ADR, CLP en CMR. Ja, die zijn cruciaal om even te benoemen. Voor wie niet dagelijks in die wetboeken zit. ADR komt natuurlijk uit het internationale wegtransport. Maar dat dicteert hier dus gewoon de opslag. We praten dan over gassen onder druk in ADR 2. Of brandbare vloeistoffen zoals verven in ADR 3. Klopt. En toxische stoffen die vallen weer onder 6.1. En CLP gaat dan weer over de waarschuwingssymbolen op die verpakkingen. Terwijl CMR, dat zijn echt die sluipende gevaren toch? carcinogeen, mutageen, reprotoxies. Ja, de stoffen die op de lange termijn enorme gezondheidsschade aanrichten. Maar wat ik pas echt fascinerend vond in de bronnen, is een uitzondering. Er staat een heel specifieke passage in de documentatie van Onderhoud NL over de viscositeitsregel. Dat laat echt zien hoe diep deze richtlijn ingaat op de natuurkunde van een stof. Ja, die viscositeitsregel dat is echt een perfect voorbeeld van hoe materiaaleigenschappen de regelgeving dicteren. Viscositeit is dus de mate van stroperigheid van een vloeistof. Hoe dik het is, zeg maar. Precies. De PGS-15 trekt daar een harde grens bij 6500 millipascal seconden. Als je een verf of een pasta hebt die boven die grens zit, gedraagt die zich bij een lekkage niet meer als water, maar als een hele dikke, trage substantie. En waarom maakt dat uit voor de veiligheid? Nou, stel je hebt een dunne, vloeibare thinner die lekt en in brand vliegt. Die vloeistofplas verspreidt zich razendsnel over de vloer, waardoor het vuuroppervlak echt in seconden verveelfoudigt. Een gigantische vuurzee. Ja, maar een extreem stroopprogram verf vloeit nauwelijks uit. De brand blijft daardoor lokaal en is veel makkelijker beheersbaar. Oh wauw, dus omdat die brand zich anders gedraagt, mag je dat soort hoogviskeuze producten buiten de allerduurste brandveiligheidskasten houden? Onder bepaalde voorwaarden wel ja. Omdat de fysieke realiteit gewoon anders is. Kijk en dat brengt ons naadloos bij de fundamentele kanteling in die 2025 De fysica van de brand en de lekkage staat nu ineens centraal Ja dat is de kern In de stukken van het informatiepunt leefomgeving zien we dat de PGS 15 nu onlosmakelijk verbonden is met de nieuwe omgevingswet en het besluit activiteiten leefomgeving, het BAL. De tijd dat een adviseur een pdfje opende, in een tabelletje keek en zag, oh, bij 500 liter hoort maatregel X. Die tijd is definitief voorbij. Gelukkig maar, ja. Alles is nu opgebouwd rondom de zogenaamde risicobenadering. Alles draait om het werken in scenario's. En dat is echt de grootste filosofische verschuiving in de geschiedenis van deze richtlijn. We stappen af van dat dogmatische voorschrijven en we dwingen de gebruiker om na te denken over oorzaak en gevolg. Dus je moet als bedrijf zelf gaan nadenken? Ja, de 2025 versie dwingt je om specifieke realistische rampscenario's voor jouw eigen bedrijfssituatie te analyseren. Scenario 1 beschrijft bijvoorbeeld expliciet wat er gebeurt als een heftruck een verpakking aanrijdt. Wat natuurlijk elke dag kan gebeuren. Exact. Een ander scenario behandelt het falen van een verpakking puur door ouderdom of corrosie. In plaats van blind een voorschrift te volgen, analyseer je eerst het mechanisme van dat scenario. Dan kijk je naar de wettelijke doelen om het te neutraliseren en pas in de laatste stap kom je bij de daadwerkelijke fysieke maatregel. Oké, maar even advocaat van de duivel spelen hier. Die scenario benadering voelt voor mij als een handige juridische truc van de overheid. Hoe bedoel je? Nou, in plaats van dat een inspecteur simpelweg de norm stelt en zegt koop een stalen lekbak, word jij als ondernemer nu ineens de regisseur van je eigen rampenfilm. De verantwoordelijkheid wordt gewoon over de schutting gegooid, direct op het bordje van het bedrijf. Nee, het tegendeel is eigenlijk waar. Wat de opstellers hiermee beogen, is het uitbannen van schijnveiligheid. Schijnveiligheid. Ja, tientallen jaren zagen toezichthouders steeds hetzelfde patroon. Een bedrijf kocht die stalen lekbak, omdat het letterlijk, nou ja, in hoofdstuk 3 van de oude richtlijn stond. Maar ze begrepen het achterliggende doel niet. Dus ze deden het alleen voor de inspecteur. Precies. En vervolgens werd die lekbak in de praktijk gebruikt als opslag voor oud ijzer. Of een heftrucchauffeur reed er wekelijks een deuk in omdat hij op de verkeerde plek stond in het magazijn. Ah, op die manier. Door het omdraaien van de methodiek, dus eerst het scenario van de lekkage snappen en dan pas die bak plaatsen, creëer je wezen. Inzicht op de werkvloer. En voor de duidelijkheid, de harde maatregelen staan nog steeds gewoon in de richtlijn. Maar ze zijn nu logisch gekoppeld aan het falen van een specifiek proces. Oké, dat klinkt eigenlijk wel heel logisch. En in dat hele proces nemen we gelukkig ook afscheid van een administratief monster uit het verleden, die dubbele beschermingsniveaus. O ja, dat was altijd een drama. Vroeger moest je constant balanceren tussen aparte eisen voor milieu en arbo. Dat leidde tot eindeloze discussies met toezichthouders over welke norm er nou prevaleerde. Dat is nu eindelijk gestroomlijnd naar vier heldere niveaus, beginnend bij de basisveiligheid. Ja, en die basisveiligheid geldt simpelweg voor elke opslagvoorziening. En afhankelijk van de gevarenklasse en de hoeveelheid bouw je dat op naar niveau A, B of C. En bij niveau A praat je bijvoorbeeld over actieve brandblussen, installaties toch? Ja, dat triggert direct zware maatregelen voor zeer grote hoeveelheden brandbare stoffen. Deze vereenvoudiging, die eigenlijk al een beetje in 2016 werd ingezet, haalt enorm veel ruis uit de vergunningverlening. Goed, we hebben de theorie. Laten we nu overgaan naar beton en staal. Want bij de brandveiligheid zien we in deze update een paar heel opmerkelijke verschuivingen. De artikelen uit Warehouse Totaal benadrukken bijvoorbeeld dat het historische onderscheid tussen binnen- en buitenopslag, nou ja, volledig van tafel is. Dat is inderdaad een grote verandering. Voorheen dacht men altijd, een vat dat buiten in de wind staat, verdient een ander, lichter regime dan een vat in een gesloten loods. Maar vanuit die nieuwe scenario-benadering is dat onderschuid gewoon onhoudbaar gebleken. Kijk, een uitslaande brand in een cluster chemicaliën buiten op het erf, produceert exact dezelfde stralingswarmte en toxische rookwolk als een brand binnen. De impact op de omgeving blijft hetzelfde. Nagenoeg identiek ja. En in sommige gevallen is het buiten zelfs lastiger te beheersen door windinvloeden. Daarom gelden nu voor beide opslagvormen dezelfde strikte normen. En tegelijkertijd zien we de drempelwaarden verschuiven. En dat lijkt op het eerste gezicht wat tegenstrijdig. De grens waarop je verplicht wordt om een dure actieve brandblusinstallatie zoals sprinklers te installeren, die is verhoogd van 10 naar 20 ton. Klopt. Dat klinkt als een enorme financiële opluchting voor veel bedrijven. Maar er staat iets anders tegenover De minimale veilige afstand van je opslag tot omliggende gebouwen is opgerekt van 10 naar 15 meter tenzij je een brandwerende muur hebt Ja Op een volgebouwd Nederlands industrieterrein zomaar even 5 meter extra ruimte vinden, dat is toch een architectonische onmogelijkheid. Haha, dat is vaak een enorme uitdaging ja. Maar die verhoging van 10 naar 20 ton voor sprinklers is dus zeker geen vrijbrief. De wetgever staat die grotere hoeveelheid alleen toe als je de passieve bouwkundige veiligheid navanant opschroeft. Je moet het vuur insluiten. Letterlijk, ja. Door middel van extreem hoogwaardige brandcompartimentering. En die verschuiving naar 15 meter, dat reflecteert gewoon voortscheidend inzicht in hoe hittestraling zich gedraagt bij moderne branden. Het voorkomen van brandoverslag naar buurpanden krijgt absolute prioriteit. Heb je die 15 meter niet? Dan zul je alsnog zwaar moeten investeren in peperdure brandweerende gevels. En dan stuiten we op een maatregel die aanvoelt als de ultieme paradox van onze tijd. De zonnepanelen. De overheid oefent enorme druk uit op de logistieke sector om te verduurzamen. Subsidies stromen binnen om elk plat dak vol te leggen. En nu, in de PGS 15 van 2025, trapt de veiligheidsautoriteit ineens keihard op de rem. We hebben onbedoeld een gigantisch nieuw risico gecreëerd. Ja, hier komt de spanning tussen de energietransitie en chemische veiligheid echt tot een kookpunt. Het probleem met zonnepanelen is dat ze werken met gelijkstroom. Ze produceren altijd elektriciteit zolang er licht is. Je kunt ze niet simpelweg uitzetten bij een calamiteit. Wacht, dus als er kortsluiting is, blijven ze stroom leveren? Ja, en bij een beschadiging in de bekabeling kunnen er vlambogen ontstaan. Dat zijn elektrische vonken die ongekend heet worden. Zo'n vlamboog kan binnen minuten door de standaard dakbedekking van een logistieke hal smelten. En dan valt het vuur letterlijk van bovenaf de chemische opslag in? Exact. En de 2025-versie pakt dit snoeihard aan. Als er panelen op het dak liggen, wordt het dakvlak plotseling gedefinieerd als een harde brandscheiding. Wat betekent dat in de praktijk? Dat het dak zo geconstureerd moet zijn, dat een brand bovenop onmogelijk kan doorslaan naar de ruimte eronder. Voor duizenden bestaande lichte staaldaken met een laagje bitumin is dit een technische en financi nachtmerrie Dat is echt bizar Maar goed als die brand dan toch uitbreekt of dat nu door een zonnepaneel of een heftruck komt dan draait alles om de informatievoorziening naar de hulpdiensten Zeker weten. De nieuwe regels rondom tijdstruk zijn ongekend scherp. Het is echt niet meer voldoende om ergens een mapje met papieren in de portiersloosje te hebben liggen. Nee. De dynamiek van een chemische brand vereist echt real-time inlichtingen. Bij de eerste melding moeten de basisgegevens direct overdraagbaar zijn, zodat de brandweer weet met welke categorie gevaar ze te maken hebben. Maar de echte uitdaging zit in de 30 minuten regel voor de AGS, de adviseur gevaarlijke stoffen. Wat houdt die regel precies in? Stel je voor, er vliegt een loods met toxische stoffen in brand en er vormt zich een rookpluim die over een woonwijk trekt. De AGS moet binnen exact een half uur na de melding beschikken over een tot in detail kloppend overzicht van de chemische samenstelling van die brandhaard. Tot op de kilo nauwkeurig. Ja, welke stoffen, hoeveel kilo's, welke gevarenklassen. Op basis van die data draait de AGS de verspreidingsmodellen en beslist de burgemeester over ontruimingen of de sirenes. Als de bedrijfsadministratie op dat moment niet feilloos klopt, speel je eigenlijk roulette met de volksgezondheid. En die feilloze administratie brengt ons direct naar de dagelijkse praktijk. Voor iedereen die nu luistert en morgen het magazijn weer opent. Hoe ga je hiermee om? Er valt in de bronnen een term die klinkt als de ultieme juridische escape. Gelijkwaardige maatregelen. Ja, dat klinkt heel verleidelijk. Ja, het idee dat als je de standaardregels uit de PGS niet wil of kan volgen, jezelf wel even een alternatief mag bedenken. De wet biedt inderdaad de mogelijkheid tot maatwerk of gelijkwaardigheid. Maar het is echt een misvatting om dit als een makkelijke uitweg te zien. Waarom? De bewijslast is verpletterend zwaar. Je moet als ondernemer onweerlegbaar aantonen, vaak via peperdure ingenieursberekeningen, dat jouw alternatieve oplossing op de millimeter nauwkeurig hetzelfde veiligheidsniveau garandeert als het scenario uit de PGS. Dus je praat het niet even recht bij de inspecteur met een goed verhaal? Absoluut niet. Het vereist formele, voorafgaande goedkeuring van het bevoegd gezag... voordat je ook maar één vat op je nieuwe manier mag opslaan. En die inspecteur stuit dan ongetwijfeld ook op een regel... die in de logistiek voor enorme frictie zorgt De scheidslijn tussen werkvoorraad en formele opslag De beruchte 12 uur regel Oh ja dat is altijd een pijnpunt De 2025 versies is hier heel onverbindelijk in Producten die gelost worden moeten uiterlijk binnen 12 uur in de goedgekeurde opslagvoorziening staan. In de kluis ja. Dus stel je even een scenario voor. Een drukke dinsdagmiddag, de stellingen puilen uit En een vrachtwagen met solventen komt wegens files drie uur te laat aan. Een magazijnmedewerker zet die pallets even tijdelijk in een hoek bij de laaddeur. De ploggedienst loopt uit, de lichten gaan uit. Klokslag na twaalf uur en één minuut verandert dat materiaal ineens in een illegale opslag. Klopt. Dat voelt op de werkvloer toch als bureaucratische kramp die geen enkele rekening houdt met logistieke pieken. Ik begrijp die frustratie volledig. Ik snap de logistieke hartslag van zo'n dinsdagmiddag. Maar we moeten dit echt bekijken door de lens van de industriële geschiedenis. Bijna elke grootschalige, desastreuze magazijnbrand, denk even aan die inferno's in Moerdijk jaren geleden, begon niet in de zwaarbewaakte, peperdure chemische kluis. Nee. Nee. Die begonnen stevast in de marges van het bedrijf. Bij die ene pallet die even tijdelijk werd weggezet in een dode hoek bij de laaddocks. Want wat gebeurt er? Die pallet staat daar, staat niet echt in de weg. De volgende ploeg accepteert het. En voor je het weet staat dat materiaal er drie weken in plaats van drie uur. Ah, het sluipt erin. Precies. Dan wordt er een tweede pallet naast gezet. Dit fenomeen noemen we creeping normalisation. De sluipende acceptatie van een abnormaal risico. De grens tussen een veilige doorgang en een ongecontroleerd chemisch depot vervaagt gewoon. En die 12 uur regel trekt daar dus een horde streep door. Keihard. Het dwingt logistiekmanagers om de instroom van goederen naadloos af te stemmen op de werkelijke opslagcapaciteit. Past het niet in de bunker, dan mag de vrachtwagen simpelweg niet gelost worden. Wauw, oké, dat is wel heel medogeloos helder. En de toezichthouders gaan dit dus ook daadwerkelijk afdwingen. We zagen in de documenten van de Omgevingsdienst DCMR heel concreet hoe ze dit orkestreren. Ja, zij hanteren de zaapanalyse. Ze eisen inderdaad van bedrijven een gaapanalyse. En dat is geen gezellig kopje koffie met de inspecteur... maar een formele gedocumenteerde analyse. Binnen drie maanden. En dat is echt een genadeloze spiegel. Bedrijven krijgen drie maanden de tijd om letterlijk... De kloof, de gap dus, te meten tussen hun huidige situatie en de eisen van 2025. Je moet je bestaande magazijn virtueel langs de nieuwe scenario's leggen. Waar voldoet het dak niet? Waar is de brandmeldinstallatie te traag? Waar staat werkvoorraad te lang? Alles moet op papier. Elke tekortkoming. En daar blijft het niet bij, want er moet een concreet, tijdgebonden plan van aanpak bij om het te herstellen. Als jij als ondernemer die gap niet in kaart brengt, doet de inspecteur het wel. En dan volgt de direct handhaving. En die analyse gaat natuurlijk verder dan alleen het beton en het staal. Want als je stalen lekbak perfect is, maar de heftrucchauffeur heeft geen idee wat het verschil is tussen een CMR-stof en een regulier oplosmiddel... Dan is je hele veiligheidssysteem een illusie. Ja. De menselijke factor. De richtlijn legt de lat voor operationele discipline extreem hoog. Het actueel houden van je stoffenregister is geen administratief bijbaantje voor de vrijdagmiddag meer. Het moet een real-time kloppend document zijn waar de brandweer blind op kan varen. Elke klassificatie, elk gevaren symbool moet minutieus kloppen. En good housekeeping natuurlijk. Absoluut. Orde en netheid. In de optiek van de inspecteur is een rommelig magazijn, waar pallets buiten de lijnen staan en afval zich ophoopt, per definitie een onbeheersbaar risico voor die scenario's. Dus als we alles op een rijtje zetten, wat we vandaag ontdekt hebben, is dat die PGS 15 voor 2025 absoluut geen droge juridische update is. Het is een fundamentale herprogrammering van het veiligheidsbewustzijn. Ja, prachtig samengevat. We stappen af van simpelweg vinkjes zetten en gaan naar het echt beheersen van fysieke scenario's. We zagen hoe de wens om te verduurzamen met zonnepanelen frontaal botst met brandveiligheid. En we hebben die medogeloze praktijk belicht Van de 12 regel tot de verplichte grapanalyse die je blinde vlekken blootlegt de marges zijn gewoon weg Ja en die slinkende marges brengen ons eigenlijk op een logisch, maar misschien wel provocerend toekomstbeeld voor jou als luisteraar. We zitten nu in de fase waarin de PGS 15 een digitaal scenario gedreven document is. Maar de techniek stopt niet. Waar denk je dan aan? Nou, denk aan de enorme sprongen in logistieke automatisering, We spreken steeds vaker over de digital twin van een magazijn, een real-time digitale kopie van de fysieke loods. Stel je nou eens voor dat over vijf of tien jaar naleving helemaal niet meer getoetst wordt door een menselijk inspecteur die eenmaal per jaar langskomt. Maar door een computer? Precies. Stel je voor dat een toezichthoudend algoritme rechtstreeks is ingeplucht op jouw systemen. Jouw weegcellen in de stellingen, je ventilatie, je warmtekamera's, die communiceren realtime met de database van de Omgevingswet. Oh, dat gaat wel heel ver. Op de seconde dat jouw heftruckschauffeur per ongeluk vatnummer 60 bijplaatst, waardoor de grens van 20 ton wordt overschreden in een compartiment zonder sprinklers, grijpt de software in. Je vergunning wordt automatisch digitaal opgeschort en er haat direct een waarschuwing naar de brandweer. De digitalisering van veiligheid is nog maar net begonnen. Ben jij klaar voor een algoritme als toezichthouder? Een onzichtbare toezichthouder die elke gram gevaarlijke stof live volgt. Dat is een gedachte die de urgentie van vandaag alleen maar vergroot. We begonnen met het idee dat kleine veranderingen op papier grote gevolgen hebben. Maar de realiteit is dat het papier raassnel verdwijnt en plaatsmaakt voor onverbiddelijke data. Zorg dat je scenario's en je fysieke magazijn naadloos op elkaar aansluiten, want de toezicht van de toekomst sluit geen enkel compromis. En daarmee zijn we aan het einde gekomen. Bedankt voor het meeluisteren met deze diepgaande verkenning en tot de volgende keer.